De Woonvisie Rotterdam 2030 van het stadsbestuur stelt de afbraak voor van 20.000 ‘goedkope’ woningen in de komende 15 jaar. Dit is 15% van de totale woningvoorraad. Waarvan er:

  • 15.000 moeten worden gesloopt,
  • 10.000 via huurverhoging/liberalisatie, verkoop of samenvoegen aan de voorraad worden onttrokken,
  • slechts 5.000 nieuwe goedkope woningen zullen worden bijgebouwd.

In totaal komen er slechts 16.000 extra woningen bij, enkel voor de hogere inkomens.

Het deel ‘goedkope’ corporatie-woningen (huur) dat moet verdwijnen volgens het college is nog hoger, namelijk 24.000 woningen.

‘Goedkope’ woningen zijn niet per definitie ‘slechte’ woningen: het zijn alle huizen met een huur tot €628 of een WOZ-waarde tot € 122.000 (waarde 2014). Wij noemen dit liever betaalbare (huur)woningen.

Het college zegt in haar Woonvisie dat er te veel goedkope woningen zijn, maar 243.559 huishoudens (85% van Rotterdam) heeft recht op een sociale huurwoning, en 124.000 huishoudens recht op huurtoeslag.

De Woonvisie van het college omarmt het beleid om zogenoemde ‘goedkope scheefwoners’ (inkomen boven de € 35.874) uit de sociale woningvoorraad te krijgen en de voorraad enkel beschikbaar te maken voor mensen met de laagste inkomens.

De wachttijden voor woningzoekenden in de sociale huursector zijn nu 4 tot 8 jaar (gegevens corporaties), door de voorraad met 20.000 betaalbare woningen te verminderen is de verwachting dat deze wachttijden zullen stijgen tot wel 10 jaar!

Daarnaast worden hele groepen Rotterdammers vergeten in de Woonvisie. Zoals MBO-studenten, veruit de grootste groep studenten, woonachtig in onze stad, maar waarvoor een vaste baan in de toekomst nog best onzeker is. Maar ook de hardwerkende Rotterdammer met een inkomen rond modaal of net daaronder, ouderen met klein pensioen en mensen die vanuit een zorginstelling de komende jaren weer zelfstandig moeten gaan wonen.

En niet te vergeten: afgelopen 15 jaar zijn al 30.000 van deze betaalbare woningen verdwenen!